| Stucen: Doe Het Zelf! |
|
|
|
|
Stucen is een vorm van wandafwerking dat veel gemeen heeft met pleisteren. Het lijkt veel op elkaar, behalve dat stucen weer net ietsje meer handelingen vereist. Na het schuren ben je in principe klaar met pleisteren, maar bij het stucen moet je nog een paar dingen extra doen! Verschil is wel dat je een mooi, glad resultaat krijgt! Dat is ook het verschil tussen pleisteren en stucen. Met sierpleister hebben de muren een structuur, maar met stucen wordt een muur helemaal glad! Ideaal als je wilt gaan behangen en geen zin hebt om je oude pleisterlaag te laten weghalen, of als je gewoon van hele gladde muren houdt! Stucwerk kan het interieur van een ruimte een meer minimalistische uitstraling geven, maar met een speciale manier van afwerken, kun je er juist patronen in aanbrengen, zoals met Knauf Geelband bijvoorbeeld. Stucen is op zich niet zo heel moeilijk, je moet het wel even goed door hebben, je moet een beetje van aanpakken weten, en natuurlijk net als bij alle doe-het-zelf klussen: geduld is een schone zaak! Let wel op: na het stucen wordt het maken van gaten in muren en plafonds iets lastiger. Het afdekken van grotere gaten kun je beter aan professionals overlaten! De basismateriaal van stucwerk is gewoon gips. Een goedkoop materiaal, dus veel kwaliteitsverschil is er niet. Het verschil zit hem meer in de persoon die het stuct, want het is heel belangrijk om nauwkeurig te werk te gaan, zelfs al word je tijdens het stucen moe of heb je geen zin... Goed, wat hebben wij allemaal nodig? - stucgaas (om scheuren of naden af te dekken) Wil je er zeker van zijn dat het stucwerk helemaal recht is, dan kun je reiprofielen aanbrengen, zodat het afreien makkelijker wordt. Als je ondergrond helemaal klaar is, kun je beginnen met het gipsmortel te mengen. Doe dit zoals op de verpakking van de gipsmortel staat aangegeven. Gips droogt vrij snel, dus zorg ervoor dat je niet meer mengt dan dat je in 45 minuten kunt aanbrengen! Als je hiermee klaar bent, kun je (eventueel) de reiprofielen weghalen om deze weer netjes op te vullen met gips. 25-30 minuten na het afreien kun je beginnen met het messen. Daar heb je de spackmes voor nodig. Hiermee kun je alle oneffenheden weghalen. Als het aangebrachte gips bijna niet meer in te drukken is, kun je de muren hiermee gladstrijken met een hoek van 45 graden. Niet teveel kracht zetten. 15-20 minuten na het messen kun je gaan sponzen met de schuurspons. Dat is wanneer het gips nog een beetje plakt. Maak de schuurspons een beetje nat en schuur de muren in een draaiende beweging. Meteen daarna kun je het stucwerk pleisteren met een pleisterspaan. Dit doe je door onder een hoek van 30 graden het gips helemaal glad te strijken. Nu ben je in principe klaar en kan het stucwerk drogen. De vuistregel is: het aantal millimeters aangbrachte stuc staat voor het aantal dagen. Aangezien stucwerk van onder naar boven uitdroogt, kun je er vanuitgaan dat als het stucwerk droog aanvoelt, dat het echt klaar is. Als je wilt, kun je er dan overheen schilderen of behangen.
|





Aanmelden voor RSS Feed